• Production Diary 1

    Den Bosch, 16 juni, 2012

    Mijn telefoon gaat af. Een vreemd buitenlands nummer verschijnt op het scherm. Ik neem niet op. Waarom zou ik? Dan gaat mijn telefoon weer af. Hetzelfde nummer. Het moet iemand zijn die mij kent. Ik neem op. “COEN! Niki hier! Ik heb geweldig nieuws. Jij. Komt. Naar. Oeganda!”

    Weken lang waren Niki Frencken en ik, Ugandese vlagCoen Haver, bezig geweest met het werven van sponsoren voor Frencken’s documentaire “De Bijsluiter van Goed Doen”. We hadden een trailer van het reeds verzamelde materiaal gemaakt, zodat Niki sponsoren zou kunnen benaderen. We bezochten potentiële partijen en hadden uitgebreide documentatie opgezet.

    Een van de beoogde sponsoren was de Nederlandse Ambassade in de Oegandese hoofdstad Kampala. De beslissingsbevoegde daar reageerde vrij snel en zeer enthousiast op het projectvoorstel. Vooral het doel van de documentaire, een bijdrage leveren aan het duurzaam en effectief maken van kleinschalige particuliere hulpprojecten, maakte haar erg enthousiast. Maar na de eerste contacten werd het een tijdje stil en zakte de hoop langzaam weg. Tot de 10e mei, toen mijn telefoon afging en dat vreemde buitenlands nummer op mijn telefoon verscheen.

    Nu zijn we ruim een maand verder en ben ik bijna klaar voor vertrek. Alle inentingen zijn gehaald, de medicijnen zijn binnen. En ook op productioneel gebied lopen we goed op schema. Niki heeft zich de afgelopen maanden vol op het vooronderzoek gericht, met name in en rond de steden Kampala, Jinja en Gulu. Fantastische plekken met extreme uitersten van rijkdom en armoede, natuurlijk schoon en vervuilde straten. Uit haar onderzoek zijn een aantal zeer interessante personen en projecten gekomen die de documentaire de body zullen geven die noodzakelijk is om ook echt aan het gestelde doel te voldoen.

    De documentaire is tweeledig opgezet. We volgen projecten die duidelijk maken wat de successen, valkuilen en dilemma’s van kleinschalige particuliere hulpprojecten zijn. Tegelijkertijd laten we kenners, ervaringsdeskundigen en lokale bestuurders in Uganda aan het woord die met hun kennis, visie en ervaringen, waardevolle en representatieve bronnen zijn voor het grotere geheel.

    De productie in Oeganda zal ons op de meest markante plekken gaan brengen, maar ook het uiterste van ons uithoudings- en incasseringsvermogen eisen. Het is mijn doel om jou daar deelgenoot van te maken. Daarom wil ik wekelijks een production diary schrijven. Volgende week zal ik in ieder geval dieper ingaan op de scriptontwikkeling.

    Voor nu rest mij te zeggen: ‘Kwaheri ya kuonana’,

    Coen Haver – cameraman en editor